Vergeet je kind niet!

De wereld is in de greep van Corona. Waar je ook komt, wie je ook spreekt; het gaat alleen nog maar over Corona. De angst voor Corona heeft de regie overgenomen. Jij en ik bepalen niet meer waar je gaat en staat, op welk moment en met wie.

 
En hoe vreselijk is het dat die angst voor Corona dat niet alleen voor ons levende bestaan doet, maar zelfs op het moment dat we doodgaan. Een normaal afscheid staat het in de weg.
 
Niet te bevatten wat een impact dit op de betrokken mensen heeft. Nu, maar ook straks voor de verdere rouwverwerking. Partners die afscheid van hun geliefde moeten nemen, zonder bij het werkelijke sterfmoment te mogen zijn. Kinderen die hun vader of moeder in de laatste uren van hun leven via beeldbellen nog even kunnen zien. Verschrikkelijk!
 
En dan komt de afscheidsdienst. In de meest gunstige situatie mag er een afscheid plaats vinden met maximaal 30 gasten.
Niet in alle situaties geeft dit problemen. Soms is de max van 30 geen enkel probleem.
 
Natuurlijk zijn er allerlei alternatieven te bedenken waardoor er op een andere manier veel meer mensen betrokken kunnen zijn.

 

Maar hoe bepaal je wie die 30 personen zijn die wel fysiek aanwezig mogen zijn?

 

En precies op het antwoord van díe vraag, voel ik mij geroepen om hier een oproep te doen, aan alle mensen die te maken krijgen met een sterfgeval waar kinderen bij betrokken zijn.

 

Stel je voor:
 Een vrouw van 45 jaar komt te overlijden. Ze heeft een echtgenoot, 3 puberende kinderen, een hele liefdevolle familie en een vriendenkring die al ruim 30 jaar meewandelt in haar leven.

 

Dan komt het dilemma; er mogen maar 30 mensen aanwezig zijn, inclusief de gezinsleden. Dus naast hen nog 26.
 
Het aantal van 26 is snel gehaald als je bedenkt dat beide ouderparen nog in leven zijn. Aan beide kanten (schoon)broers en (schoon)zussen met kinderen en dan nog de allerbeste vrienden van de vrouw en haar man. Er moet hiér dus al gestreept worden.

 

Maar wie zijn we dan nog vergeten? Juist!
 
De méést belangrijke personen in het leven van de kinderen (naast hun ouders)! Hún vrienden en vriendinnen! Hoe fíjn het ook is, dat de ooms en tantes, opa’s en oma’s, de ‘huis’-vrienden er zijn, het belang van de eigen leeftijdsgenoten mag niet uit het oog verloren worden. Dit zijn degenen waar zij in de toekomst hun steun vinden. Vaak niet eens in woorden, maar alleen al door samen dit meegemaakt te hebben. Zij zijn degene die er voor ze zijn, als de behoefte aan volwassenen er even niet is.

 

Samen staan we sterk, heb oog voor iedereen!